Christenen zijn de meest vervolgde mensen ter wereld, las ik deze week. Dat gaf me wel te denken. Kennelijk is het geloof in een God die vooral liefde predikt zo omstreden dat andere mensen zijn volgelingen veel kwaad willen doen. Dat is volstrekt onlogisch.
De laatste maanden richt de woede zich vooral op de Koptische christenen in Egypte. Als tv-kijkers dachten we dit voorjaar dat de strijd tegen dictator Mubarak de Egyptenaren had verenigd, maar niets is minder waar. Het jaar begon met een bloedige bomaanslag op een kerk in Alexandrië, waarbij veel doden vielen. Je durft je niet voor te stellen dat zoiets in onze kerk zou plaatsvinden. Na de val van Mubarak is het helaas niet veel beter geworden. De Kopten die onlangs in Cairo protesteerden tegen de aanslagen op hun kerken, werden genadeloos aangevallen. Zelfs door tanks van hun eigen overheid. Ik denk dat we er goed aan doen voor hen te bidden. En ook voor andere christenen die wereldwijd voor hun navolging van Jezus vervolgd worden. We hebben geluk dat we hier in een vrij land wonen, waar we elke dag open voor ons geloof mogen uitkomen.
Wat me wel bemoedigde is het verhaal dat ik vorige week zaterdag hoorde van evangelist Jan Sjoerd Pasterkamp. Hij vertelde over Nigeria, waar hij bij een massale bijeenkomst van christenen was geweest. Er waren liefst 8 miljoen (!) mensen, van wie er velen ter plekke tot geloof kwamen. Ik kan me herinneren dat ik op een dag van Open Doors een getuigenis hoorde van een Nigeriaanse vrouw, wier man was vermoord om zijn geloof. En nu dus die groei van christenen in hetzelfde land. Blijkbaar is God zo sterk dat hij dwars door alle tegenstand heen kan breken.
Guido van Riet


