Toen ik deze week naar het postkantoor liep, viel me ineens op dat het reclamebord aan een van de hoge lantaarnpalen vlak bij ons huis verwijderd was. Op het bord stond in groot formaat een vrouw in zeer schaarse kleding reclame te maken voor een sexinrichting - zo heet dat officieel in ambtelijke stukken - aan de overkant van de straat. De naam Mayfair stond er natuurlijk ook heel duidelijk op en onderaan stond steeds te lezen: 'Op zondag gesloten!'
De laatste mededeling was me meteen opgevallen, toen ik zeventien jaar geleden van de Veluwe naar hier verhuisde. Het klonk als zondag in ere houdend. Maar al snel begreep ik dat het anders was, maar dat het personeel van zo'n inrichting ook hecht aan een vrij weekend met de kinderen. Die zag ik ook wel eens achter in een auto zitten in veilige kinderzitjes als mevrouw op haar werkadres werd afgezet door mijnheer.
Hoe krijg je zo'n tent weg?
Jaren terug voerde een paar buren actie tegen de tent. Maar dat viel niet mee. Het bleek een inrichting voor erg nette mensen die zelden deurslaand vertrekken midden in de nacht. Ook merkten we dat het land van vergunningen een soort mijnenveld is en zoveel mensen een rol spelen in zo'n gebeuren, van Amsterdam tot Maastricht, dat je ook wel meteen bij het proces Holleder kunt aansluiten. Dus je laat het maar. Maar deze week stel ik vast: weg bord. En inderdaad besef ik dat al enige maanden het erg stil is aan de overkant. Is hun vergunning ingetrokken? Of is op het moment binnen iedereen bang voor iedereen geworden?
In elk geval ben ik blij dat het reclamebord weg is. Nu de tent naast de Brug nog, dacht ik. Jaap Beukema zei altijd een beetje uitdagend tegen de buren achter de rode loper op het trottoir naast de Brug: 'Wij zitten hier langer dan jullie! Want aan onze kant staat God', of iets van die aard. Zoveel moed had ik niet, als ik `s avonds laat moe mijn auto in de straat parkeerde en de uitsmijter van Mayfair zag staan praten met wachtende taxichauffeurs. Maar kijk nu, ze zijn al weg. Gesloten. Heel de week. Waar een crisis al niet goed voor is!
Ds. Piet de Jong


